Geluk is niet te koop

De politieke onderhandelaars op de Tweebaksmarkt hebben hun ei gelegd en ik heb het resultaat van hun wikken en wegen even laten bezinken en in de LC gelezen over de onderhandelingen. Oh oh, wat een geregisseerde openheid. Het gelul over geluk in het bestuursakkoord zat me behoorlijk dwars. Nu weet ik waarom.

Na de Provinciale Statenverkiezingen had ik een somber gevoel. De enorme opkomst van Forum voor Democratie verbaasde me niet, maar baarde des te meer zorgen. Mijn democratische verstand vertelde dat iedereen moet kunnen meeregeren, maar m’n hart verzette zich heftig. De gedachte dat mensen die een naar mijn idee fascistoïde partijleider achternalopen hier mede de dienst gaan uitmaken, maakte me niet gelukkiger.

Maar het partijkartel koos voor elkaar en daarmee sloeg de angst pas echt toe. Naar mijn overtuiging had er ondubbelzinnig gekozen moeten worden voor een zo duurzaam mogelijk beleid, omdat de urgentie van de klimaattransitie en alles wat daarmee samenhangt torenhoog is. (Zie mijn blog over het Leitmotiv voor Friesland.) Sander en Sietske hadden en hebben daar geen last van, maar zagen wel donkere wolken hangen. Mooi die macht, maar het moet leuk blijven. Hoe zorg je voor een goeie bliksemafleider die voor de bühne duidelijk maakt dat je de zorgen rond het klimaat begrijpt? Inderdaad, je laat de Partij van de sociaaldemocratische Armoede toe in je college en splitst hun de lastige portefeuille in de maag. Opgelost. Het partijkartel blij en Forum voor Democratie ook, want zij kunnen vier jaar lang schoppen en blèren dat het een aard heeft.

Na een paar maanden onderhandelen, lag er een geweldig resultaat onder de titel Geluk op 1 op tafel. Godallemachtig dacht ik. Ik weet dat uit onderzoek is gebleken (Fries Sociaal Planbureau) dat Friezen gelukkig zijn; maar om dat als doel van politieke ambitie te benoemen? We zijn armer dan elders in dit land, maken meer gebruik van sociale voorzieningen, hebben 13,4 procent laaggeletterden, maar ach….We voelen ons verbonden, we hebben onze mienskip, we zijn de fijnste woonprovincie van het land, dus wat geeft het allemaal? Waar streeft de provinciale politiek de komende vier jaar naar? Naar behoud van wat er is. Niets minder en vooral ook niet meer.

Het klimaat kan aan het gas, na ons de zondvloed. De boeren dorsen voort op de veenweide, de grond onder onze voeten verdort en verdroogd, we blijven produceren voor de hele wereld omdat de Rabobank geen ander verdienmodel kan verzinnen, we hebben lak aan het idee van lusten en lasten in energietransitie, tienduizenden laaggeletterden hebben nog steeds geen perspectief, de gemeenten laten we verzuipen in hun sociale domein…om over verbetering van de fysieke leefomgeving maar te zwijgen. Terwijl dat toch de inzet is van de nieuwe Omgevingswet, waarmee de provincie een prachtig instrument in handen heeft voor duurzame transities en herinrichting van ons Friese landschap.

Visie, regie en leiderschap om het majeure thema klimaat regionaal vorm en inhoud te geven, zitten op de achterbank van deze coalitie, wat zeg ik, ze liggen in de kofferbak. Nee, ons Geluk staat op 1, we trekken er volgens persberichten van het bestuursakkoord zelfs 180 miljoen extra voor uit zo lees ik:Friezen blijven de komende jaren de gelukkigste inwoners van Nederland. De nieuwe coalitie van CDA, PvdA, VVD en FNP heeft dat doel centraal gesteld in het vandaag gepresenteerde bestuursakkoord. De provincie zet er op in om de sterke sociale structuren, de sociale gelijkheid en de leefbaarheid verder te stimuleren, want die dragen bij aan de brede welvaart die Fryslân kenmerkt. Hierin willen de partijen 180 miljoen euro investeren, bovenop de reguliere begroting. Dat klinkt fijn zeg! De term ‘laaggeletterd’ komt nota bene wel voor in de inleiding van het akkoord, maar verder is er geen letter over te lezen. Wat stelt die sociale gelijkheid en brede welvaart dan voor? We laten al jaren op z’n minst tienduizenden mensen in Friesland in de steek en bieden ze geen enkel perspectief. Je weet dat het zo is (onderzoek Partoer 2016 in opdracht van provincie Fryslân), maar legt die kennis in de la. Ook dat is de mienskip van Sander, Sietske, Johannes, Douwe en Avine. Kom op joh, laaggeletterd zijn is toch niet zo erg? Als je maar gelukkig bent!

Geluk op 1? Mijn geluk is van mij, daar kan de politiek niets aan veranderen, niets aan bijdragen. De ene helft van geluk is genetisch bepaald en aan de andere helft kunnen Sander en Sietske niets veranderen. Ga besturen, toon lef en leiderschap. Mijn geluk is niet te koop, noch te geef. Een ander kan jou je geluk niet aanreiken, kan het niet met een subsidietikkie voor je betalen. Je zult je geluk zelf moeten vinden en leren vasthouden en daar is ieder mens voor die ene helft zelf verantwoordelijk voor.

Merk Fryslân ontdekt Friesland waterland

Bij de start van Boot Holland, een beursmededeling….

Het is geen nieuws, maar juist daarom ongelooflijk treurig. Merk Fryslân ontbrak weer op Boot Düsseldorf, de belangrijkste watersportbeurs van Europa. Provincie en gemeenten laten kansen liggen, het bedrijfsleven kijkt beteuterd toe. Is er nog hoop voor onze waterrecreatie- en watersporteconomie, voor Friesland waterland? 

Boot Düsseldorf (19 t/m 27 januari 2019) is op de kop af al vijftig jaar lang veruit de belangrijkste watersportbeurs van Europa met zo’n 250.000 bezoekers uit inmiddels 90 landen. (Boot Holland komende dagen doet er zo’n 35.000 per jaar). Toonaangevend zijn ze in Düsseldorf, ieder jaar weer. De beurs is van groot belang voor duizenden bedrijven en voor tal van regio’s die zich willen profileren als watersport- en waterrecreatieregio.

Impact van waterrijk Fryslân

Fryslân is zo’n regio: Friesland waterland. We hebben de historie, het dna, de cultuur, we hebben duizenden verhalen over tradities, vakmanschap en ontwikkeling, we hebben de schoonheid en charme van het kleinschalige landschap, we hebben het erfgoed, de ontwerpers en bouwers van kleine en grote jachten, de vakmensen en de innovators (kijk naar het elektrisch varen), de verhuursector, de export, een compleet op watersport ingerichte recreatiesector, de hele infrastructuur. We hebben de (top)sport van watersport met geweldige ambassadeurs als Marit Bouwmeester, evenementen van de Sneekweek tot en met het skûtsjesilen. Overheden (provincie en gemeenten) hebben de afgelopen decennia ook weer honderden miljoenen geinvesteerd in het verbeteren van waterfronten, havens en infrastructuur mede met het oog op versterking van de economie. En dat gaat door, kijk alleen naar de plannen die er liggen in Heerenveen of Sneek. Fijne bijkomstigheid: watersport en water hebben een geweldig goed imago. Fryslân: water, natuur, cultuur. Hoeveel impact willen we hebben?

Culturele hoofdstad ligt achter ons

Leeuwarden-Fryslân culturele hoofdstad LF2018 ligt achter ons, er wordt geschreeuwd om legacy. Er wordt gebeden dat “de toerist” moet blijven of anders heel snel moet komen. We hebben een fortuin uitgegeven aan Elf fonteinen, maar krijgen ze ook het gewenste toeristische resultaat? Hoe mixen we het met wat we al hebben, zoals de watersport- en recreatie economie?

Influencers

Boot Düsseldorf is voor Fryslân van groot belang: de beurs trekt een enorm potentieel consumenten van alle leeftijden die geinteresseerd zijn in water(sport). De Duitse beurs is veruit de voornaamste pan- Europese inspiratiebron voor potentiële kopers van nieuwe producten en sloepen, jachten en wat verder vaart, drijft en zeilt. Boot is in toenemende mate platform voor de reiziger die waterrijke bestemmingen zoekt. De beurs is een ideaal podium voor wie zijn innovaties aan de wereld wil tonen en nieuwe gebruikers, kopers, gebruikers en wederverkopers zoekt. Deelname versterkt ambitie en innovatieve gedrevenheid: onze watersporteconomie kan daar wel wat van gebruiken.

Bovendien trekt Boot Düsseldorf een grote hoeveelheid mensen die een belangrijke rol spelen in de keten van watersport en watersport/recreatie gerelateerde dienstverlening. Niet in de laatste plaats trekt Boot journalisten en media uit de hele wereld die door de organisatie van Boot uiterst professioneel worden ondersteund om zo goed mogelijk het verhaal en de beleving van watersport en waterrecreatie on- en offline te vertellen, op te schrijven, in beeld te brengen en te verkopen. Marketeers met social media-kriebels spreken graag over het belang van ‘influencers’. Ik kan u uit eigen ervaring vertellen dat die positieve beïnvloeding je in Düsseldorf al decennialang met de paplepel wordt ingegoten op het moment dat je als media-professional de drempel van het “press center” over stapt.

Waterrijk dna

De wereld verandert, inderdaad. Wij vergrijzen, de watersporter ook. Er komen nieuwe consumenten bij, de wereld internationaliseert en verduurzaamt. Er is een verschuiving van bezit naar gebruik. Vaker en korter er op uit is de trend; net als samenwerking in ketens. Technologie maakt meer innovatie mogelijk, of het nu gaat om verhuurplatformen, om verminderen van emissie, om gebruik van andere en meer duurzame materialen. Je hebt liever verblijfstoeristen uit Europa dan ingevlogen Chinezen en Aziaten die Nederland in twee dagen doen.

Het zijn allemaal uitstekende redenen om blijvend te investeren in het sterke merk Fryslân water(sport)land. Omdat water deel uitmaakt van ons dna, onze cultuur, onze infrastructuur. Omdat een groot en steeds groter deel van de watersporttoerist en water-liefhebbende-recreant niet uit Nederland komt; omdat Friesland onder Duitsers een goede naam heeft; omdat Duitsland ook in 2030 nog het belangrijkste herkomstland van toeristen is; omdat een steeds forser deel van kopers van nautische producten en jachten niet uit Nederland komt; omdat export van belang is voor een stabiele economie; omdat we geweldige zeilscholen hebben die mensen de liefde voor watersport bijbrengen met ambassadeurschap voor de toekomst; omdat watersport en waterrecreatie mogelijkheden bieden op werk, op vakmanschap, op ontplooiing op heel veel verschillende niveau’s van ontspanning tot en met topsport; omdat watersport een kapitaalintensieve bedrijfstak is waarin kwaliteit van vakmanschap, innovaties en kennisontwikkeling perfect bij elkaar komen; omdat watersportevenementen altijd goed scoren en mensen op de been brengen die weer geld uitgeven. Ik kan nog wel even doorgaan. Want we hebben het allemaal, maar we moeten het beter verkopen.

Laat het nu toevallig zo zijn dat het NBTC als nationale promotor van ons geliefde land, het thema WATER heeft bedacht voor 2020. Wat een geluk kan een mens hebben! Leest u vooral mee op de website van de toerismepromotor op www.nbtc.nl en laat u verrassen door het thema WATER in dat jaar. Stelt u zich voor welke kansen dat Friesland zou bieden!

9,6 miljoen views, nu nog meer toeristen

Je vraagt je dus af waarom de regiomarketingorganisatie van onze provincie, Merk Fryslân, geen cent of stuiver uitgeeft aan de belangrijkste beurs voor consumenten, kopers en reizigers op en naar water(sport)gebied in Europa? Ik heb de vraag voorgelegd aan Merk- directeur Martin Cnossen. Er volgden twee mails met antwoord. Merk, zo vertelt Martin, is een online promotor, Merk weet precies dat we wel 9,6 miljoen online views hebben gehaald dankzij hun inspanningen, want Merk huurt daar speciale hippe influencers voor in die social media infecteren, Merk is een destintinationclub, het is de club van de gastvrijheidseconomie, van de fietstochten.

Wat, fietstochten? Beste Martin, schreef ik me bijna verslikkend, hoe is het met water en watersport en het belang van Boot Düsseldorf, dat was toch de vraag?

Het kan!

Misschien…..als iedereen het graag wil, bedrijven mee willen doen, overheden enthousiast worden, misschien zou het een overweging kunnen zijn, Boot in de nieuwe Merkmix van on & offline acties om de Duitse markt te bewerken. Ik zeg u, als wij het allemaal graag willen, elkaar meenemen en concreet de boter bij de bekende vis willen doen, dan kan het zijn dat we gaan. Ik zeg, het kan.

Dus: Willen we naar BOOT Düsseldorf? Ja? Dan gaan we naar BOOT Düsseldorf. Met en dankzij Merk in the mix Fryslân. Dat doen we goed en groots, want we sluiten maximaal aan op het water- themajaar 2020 van het NBTC. Friesland waterland, heerlijk om te varen, te fietsen en te wandelen. Schouders er onder!

Ach so, danke!

CDA tempert klimaatambitie

De D van CDA staat tot de verkiezingen van 20 maart voor draagvlak, begrijp ik vanochtend uit @lc_nl. Sander de Rouwe cs hebben het woord afgestoft, want er blijken de laatste tijd meer en meer mensen te zijn die ons klimaat, onze aarde en eigen verantwoordelijk heel serieus nemen. De partij van @Sanderderouwe heeft daarom draagvlak nodig voor de stelling dat ‘we’ niet te ambitieus moeten zijn als het gaat om ons klimaat.

Vier jaar lang porde Sander de Rouwe de Friese ondernemers. Het moest beter, duurzamer, innovatiever en toekomst gerichter.

Vier jaar lang nam hij het voortouw om megawindmolens door de Friese strot te douwen, inclusief geheimhoudingsverklaringen. Transparantie naar de Friese burger over geïnvesteerd Fries belastinggeld hoort voor Sander niet bij draagvlak.

Vier jaar lang is het zijn partij die ieder Fries initiatief voor kleinere windmolens blokkeert: het Fryslân van Sander gaat voor groot en voor het wegsluizen van het merendeel van de grove winst uit wind. Fryslân draagt de last, maar krijgt niet de lust. Vier jaar lang is duurzaam draagvlak in dorp of wijk niet aan het CDA besteed.

Subsidieslurpers kosten draagvlak

In Den Haag zit een kabinet met het #CDA van Sybrand te broeden op klimaat. Het maakte niet de keuze voor twee volstrekt logische en voor het klimaat effectieve maatregelen, rekeningrijden en CO2- belasting. Nee, het CDA stimuleert liever driemaal modaal zodat met zeventig procent belastinggeld een subsidieslurpende en niet-duurzame Tesla aangeschaft kan worden. Sander de Rouwe komt vanochtend in @lc_nl tot het briljante ‘inzicht’ dat dit niet zo handig is. Het kost draagvlak in verkiezingstijd.

In navolging van België gaan in Nederland scholieren de straat op voor het klimaat, omdat ze vinden dat het sneller moet met het nemen van maatregelen voor het klimaat.

Sander en collega’s schrijven een open brief in een paar miljoen kranten, zonder te zeggen waar ze voor zijn, zonder te vertellen wat ze wel willen. Ik lees algemeenheden en aannames, het is gebrek aan inhoud en ambitie. Sander denkt dat dat draagvlak oplevert.

Centralisme versus Fries fundament

Ik lees hoe het CDA de regio, de dorpen, de wijken en de buurtschappen negeert. Hoezo mienskip, hoezo duurzaam initiatief van burgers en buitenlui, hoezo bouwen aan een krachtig duurzaam fundament in, voor en met Fryslân. Sander kiest voor niet voor Fryslân en niet voor de kansen die energietransitie biedt, hij kiest niet voor de ambities van het noorden in de circulaire economie. Sander kiest voor het behoud van wat hij heeft, voor CDA- centralisme in plaats van Fryske eigenheid. Keuzes maken voor een duurzame toekomst kost Sander stemmen. Het klimaatdenken loopt hem als industrieel gewonnen IJsselmeerzand door de vingers.

Sander de Rouwe en zijn collega-lijsttrekkers van het CDA lopen achteruit, tegen het klimaatdenken in. Het is niet erg, zegt zijn #CDA, als we de doelstellingen van Parijs niet halen. Liever draagvlak dan gezond klimaat. Sander gokt in het casino van de macht, maar gokt met onze aarde en onze toekomst. Het rentmeesterschap van het CDA is in zijn open brief afgeschaft en begraven.

Godzijdank zijn er op 20 maart verkiezingen.

Ontwikkeling WTC: belastinggeld financiert leegstand

Het WTC- gebied en het nieuwe Cambuurstadion staan in de schijnwerpers. De gemeenteraad is aan zet: hoe kijkt zij aan tegen de majeure uitbreiding van winkel- en horecaoppervlakte die zo behendig is vervlochten met de bouw van het stadion? Het toverwoord “Cambuur” lijkt een kritische weging van de planontwikkeling in de weg te staan. Toch betalen wij er de rekening voor.

De planologische ontwikkeling van het WTC- gebied is gevoed door de wens van een nieuw Cambuurstadion en komt voor decennia vast te staan. Die wens staat een nuchtere weging tussen maatschappelijk en privaat belang in de weg. Het belang van een nieuw Cambuurstadion is iets heel anders dan gebiedsontwikkeling vol detailhandel, leisure en megahoreca. De projectontwikkelaars voelen het wensdenken voor een nieuw voetbalstadion heel goed aan en weten dat de koppeling van stadion aan hun wensen de kans van slagen voor het geheel vele malen groter maakt. Het is aan de gemeenteraad scherp het onderscheid te blijven maken, want zij -en daarmee de stad- betaalt een deel van de (maatschappelijke) rekening. De noodzaak om duurzamer te denken vraagt om stevige reflectie op de plannen. Want met de kennis van nu, doe je morgen niet meer wat je gisteren misschien nog wel zou doen. ,,De bal ligt op de stip”, zei burgemeester Crone hoopvol in z’n nieuwjaarstoespraak. ,,We hebben een lange aanloop genomen, dus is het tijd de bal in te schieten.” De vraag is wel hoe verwoestend de bal is die de raad geacht wordt in te schieten.

Ik heb eerder mijn twijfels geuit over het nieuwe Cambuurstadion, maar de tijd maakt verzet zinloos. Het Cambuurhart van een deel van Leeuwarden en de intensiteit van de Leeuwarder politiek om dat geel- blauwe hart te behagen, is zo groot dat een goed gesprek over nut, noodzaak en wenselijkheid van een nieuw stadion op een andere locatie dan de huidige, verleden tijd is. Een nieuw voetbalstadion bouwen is echter iets anders dan met inzet van miljoenen belastinggeld de stad op te zadelen met duizenden meters overbodige winkel- en horecaruimte.

Bouwen voor de leegstand

We weten dat voor Fryslân een verdere daling van het inwoneraantal is voorzien, ook al groeit studentenstad Leeuwarden nog even. Het gemiddelde inkomensniveau ligt in heel Fryslân onder het landelijk gemiddelde en dat cijfer is met 12 tot 14 procentpunten het meest negatief in dit deel van de provincie, het gebied inclusief Leeuwarden; het in de afgelopen jaren al fors toegenomen winkelmeters veroorzaakt meer en meer leegstand en afstemming tussen gemeenten over de invulling van de “retail” in de provincie is noodzakelijk. (Uit: Koopstromenonderzoek provincie Fryslân 2017. ) Dat zijn interessante gegevens op het moment dat de lokale overheid Leeuwarden met beoogde geldelijke steun van provincie Fryslân investeert in de combinatie van voetbalstadion met detailhandel.

Gemeente faciliteert kannibalisme

Leeuwarden geldt als koopstad van Fryslân vanuit een traditionele detailhandelsvisie. In de toekomst van de retail gaat het echter over verdere afname van het totaal aantal vierkante meters, over meer diversiteit en verschuiving, meer beleving en mengvormen, over verdere schaalvergroting en vooral over de effecten van technologische ontwikkeling, online koopgedrag en gevolgen zoals toenemende 24- uurs distributie. In het Koopstromenonderzoek en in veel andere retailvisies, is een ding heel duidelijk: er zijn al jaren te veel meters winkeloppervlak en iedere uitbreiding gaat ten koste van het bestaande. Bij het WTC komt meer dan 20.000 vierkante meter extra winkelruimte. Dat gaat ten koste van winkelruimte elders in de (binnen)stad. Dat betekent dat de gemeente bouwen voor de leegstand faciliteert.

Voor de voorziene meters mega- horeca op het WTC geldt hetzelfde: de grenzen aan de groei zijn bereikt, dus wat wil je als gemeente mogelijk maken? LF2018 was een eenmalig groots feest in economisch en dus ook horeca- opzicht. Nieuwe, grote horecazaken aan de rand van de (binnen)stad, zullen echter kannibaliserend werken, omdat het aantal mensen dat er komt, nu niet bepaald toeneemt, eerder af. Faciliteert de gemeente dat omdat “we” een nieuw Cambuurstadion willen; wat heeft het een met het ander te maken? De projectontwikkelaars hebben het al vaker gezegd in dit dossier: het één kan niet zonder het ander en gaat het één niet door, komt er geen stadion van Cambuur. Dat is slechts hun wens, want maatschappelijk zijn die winkelmeters onwenselijk en is het heel ongezond te sturen op de angst dat “we” anders geen nieuw stadion “krijgen.” Dat mag jij dan als volksvertegenwoordiger uitleggen, lijken ze te willen zeggen.

Raadsleden hebben verantwoordelijkheid

Duurzaamheid en circulaire economie zijn begrippen die je zelden leest in beleid over detailhandel of hoort in de retailbranche. In Leeuwarden gebruikt het college die woorden als het haar uitkomt, maar in planologie en retail- ontwikkeling zie ik het nog niet terug. Vreemd voor een stad die zegt zoveel duurzame ambities te hebben. Tegelijk ook niet vreemd, want detailhandel en retail in brede zin, zijn bij uitstek exponenten gebleken van economische groei: het dogma van kopen, kopen en nog meer, nog vaker, sneller en goedkoper kopen. Zoals ik vorige week schreef in mijn #container-blog: het kan, dus het moet.

Raadsleden zijn behalve mede- beleidsmakers ook consumenten en hebben dus een stevige verantwoordelijkheid. Wat maken zij mogelijk met die extra vierkante meters winkelruimte en horeca, of, wat verwoesten ze? Voor wie doen ze dat? Hoe sociaal- economisch duurzaam is dit voor de stad, haar inwoners, bestaande bedrijven, hun personeel en ons leefmilieu?

Duurzaam ontwikkelen

Er kunnen nog veel vragen worden gesteld bij de ontwikkeling van het WTC winkelgebied. Hoeveel ruimte en hoeveel belastinggeld wil de gemeenteraad van Leeuwarden bieden aan niet-duurzame en kannibaliserende winkel- en horecameters? Is er zoals in 2017 in het Koopstromenonderzoek van provincie Fryslân duidelijk geadviseerd, overleg geweest inzake detailhandel ontwikkeling met andere gemeenten en wat zijn de uitkomsten? Hoe graag faciliteert de gemeenteraad veel meer extra autoverkeer met alle overlast voor de omgeving? Hoe graag wil je meewerken om een deel van de binnenstad die je met z’n allen zo bejubelt, gestaag af te breken met behulp van belastinggeld? Hoeveel zijn alle andere bouwmarkten, meubel, woninginrichtingszaken en wijkwinkels je waard? Wie zet onder al die overbodige vierkante retail, bioscoop en megahorecameters met gevoel en urgentie voor deze tijd van klimaatdenken, duurzame ontwikkeling en gezond financieel beleid zijn of haar handtekening? Het argument dat de tijd voor Cambuur dringt is ongezond. Het stuurt op angst in plaats van rationele overwegingen voor een duurzame stad.

De wens voor een nieuw Cambuurstadion mag niet als argument gebruikt worden om het WTC- gebied in de voorgenomen richting te ontwikkelen. Deze ontwikkeling is financieel en maatschappelijk kostbaar: miljoenen van de stad gaan straks ten koste van onze (binnen)stad, van onze leefomgeving en een meer duurzame toekomst. Met de kennis van nu en de snel toenemende relevantie van duurzamer denken, moet het plan ten aanzien van de vele meters extra commerciële ruimte serieus worden heroverwogen. Want wat goed is voor de portemonnee van vastgoed- en projectontwikkelaars, is niet automatisch goed voor Leeuwarden.

Leitmotiv Fryslân: circulaire economie

Marijke Roskam krijgt als nieuwe “chef” van de provinciale Partij van de Arbeid 2 pagina’s in de krant @LC. Het mediaal masseren is gestart, de verkiezingen van maart 2019 zijn begonnen. Mooi zo. Verkiezingen betekent keuzes maken.

Tegenwoordig zijn iedere week wel opiniestukken van provinciale politici te vinden bij de Ingezonden Brieven en op de Opinie/Te Gast- pagina van de Leeuwarder Courant. Kennelijk vinden ze aan de Leeuwarder Tweebaksmarkt dat ze meer moeten zenden of te weinig worden gehoord.  Vorige week was het provinciaal PvdA- fractievoorzitter Remco van Maurik, die een democratische lente aankondigde. Niet het traditionele domein van die partij, maar je moet wat als je al een paar jaar in de touwen hangt en mediatijger Roskam in je nek hijgt. Het treft dat D66 provinciaal ook hijgend langs de zijlijn staat.

Sinterklaas is al geweest

Het zou goed zijn, betoogt Van Maurik dat de Staten in de komende maanden en voor de verkiezingen met instemming van alle partijen een hoofdlijnenakkoord bereiken over wat in de komende vier jaar door de nieuwe Gedeputeerde Staten uitgevoerd moet worden. Daarna volgt een verlanglijstje van de bekende partijpunten. Het moest nog Sinterklaas worden en keuzes maken kunnen politici niet. Angst voor de kiezer die jou toch niet mist.

Marijke Roskam doet hetzelfde. In de gezellige context van een ons-kent-ons-gesprek mag ze als beoogd “chef” (hoezo chef, kent u die benaming?) haar resultatenlijstje benoemen voor de komende jaren. Het Roskam-dictaat aan haar partijkader: Arbeid für Alle. Energietransitie. Veenweidegebied.

Keuzes maken

Volgens mij is er slechts één Leitmotiv denkbaar. Het centrale thema voor op z’n minst de komende acht jaar waar de rest van het provinciale beleid consequent aan getoetst moet worden. Wat de inzet is naar jezelf en naar anderen. Leitmotiv, het wederkerende karakteristieke motief met symbolische betekenis. Het Leitmotiv voor Friesland / Fryslân en inzet van de verkiezingen: circulaire economie.

Durf te kiezen. Zet consequent in op voortdurende verduurzaming op ieder aspect van leven, wonen en werken, van mens en milieu. Niet dogmatisch, niet opgelegd, nee, open, actief, onderzoekend, zelfbewust, gewogen, inhoudelijk getoetst, intrinsiek gemotiveerd. Stappen zetten waar we kunnen, concreet maken. Met dat Leitmotiv kun je elkaar bevragen: hoe doen we het, wat vind jij, doe je mee, kun jij me helpen, wat kunnen we voor elkaar betekenen?1

Ambitieus? Zeker. Het voordeel is dat niemand het zaligmakende antwoord heeft, circulaire economie is nieuw en allesomvattend. Samen krijgt diepgaand en kwetsbaar betekenis, wij, jij en ik. Zonder ambitie naar een circulaire economie is elke andere ambitie vergeeld voor de verf is opgedroogd.

(1964, Bob Dylan) The times, they are a changing

#

 

Cambuur/WTC (1): Tegenspraak van het jaar

Ik lees gisteren @LC dat het college van Leeuwarden aan provincie Fryslân een royale bijdrage vraagt van € 4,7 miljoen om het plan van WTC/Cambuur rond te krijgen.

De meest bijzondere zin in het betreffende artikel onder de titel “Provincie moet gat Stadion-WTC dichten” van Willem Bosma is dat “…De provincie ruim bij kas zit….” Tja. Half mei dit jaar schrijft dezelfde krant over het terugschroeven van het aantal banen bij diezelfde provincie die zo “ruim” bij kas zit: er moet daar 400 miljoen bezuinigd worden dus schrapt deze regionale overheid 110 fte.

Is er sprake van kortstondig geheugenverlies bij de redactie van de krant, is er een onverhoopte en niet bekendgemaakte mega-meevaller bij de provincie, had Lutz Jacobi eerder gelijk met de stelling dat het geld daar tegen de plinten klotst of…

Beste Willem Bosma: naar mijn idee moet je als journalist altijd onderbouwen wat je schrijft. Het woord is aan jou, want ik snap er geen jota meer van.

 

 

Toerisme Friesland 4.0: Het Witte Botenplan

Van A naar B; met de Witte Boot van Abbegaasterketting naar Rottevalle

Het Friese fundament verdient een integrale investering in mienskip, innovatie, werkgelegenheid en duurzaamheid. Toerisme 4.0: investeer, innoveer en profiteer van het Friese water. 

Friesland heeft de mooiste, beste, meest uitgestrekte en meest fijnmazige regionale waterrijke cultuur en infrastructuur van Nederland, met navenante rijke historie van scheeps- en jachtbouw, ambachten, beurtvaart, handelsvaart, zeevaart en watersport. Van Rottevalle tot Lemmer, van Oostmahorn tot Harlingen, je kunt (bijna) overal komen, van overbekende en populaire locaties als het Sneekermeer tot aan minder bekende, maar prachtige cultuurhistorische charmeplekken als Allingawier. We hebben de afgelopen decennia weer honderden miljoenen provinciaal en gemeentelijk overheidsgeld geïnvesteerd in meer en betere waterverbindingen en verbetering van faciliteiten. De vraag is: wat doen we verder?

Hier ligt de Zee, daar is het water

Ondertussen verandert het aantal traditionele watersporters, is er een omslag van eigendom naar gedeeld bezit, worstelen we met de vraag hoe we ons werkende ecosysteem inclusiever kunnen vormgeven en bezinnen we ons op de vraag hoe de mienskip te verstevigen en krimp om te zetten in kansen. En we geven miljoenen uit aan de grootste reclamecampagne sinds tijden, Culturele Hoofdstad LF2018 waarbij we hopen dat de nalatenschap ons veel meer gaat opleveren dan het moois en goeds van dit jaar. Investeren in de toekomst van waterrijk Friesland loont in veel opzichten.

Tresoar’s Bert Looper pleit in Hier ligt de Zee voor meer cultuurhistorisch toerisme in Fryslân en ik kan me daar heel veel bij voorstellen. Fryslân is veelomvattend verrassend, het biedt ons al jaren rust, inspiratie en plezier, het is optimaal genieten zonder veel tijd onderweg te zijn en het brengt ons varend, fietsend en wandelend dichter bij de schoonheid en rijkdom van m’n eigen omgeving.

Innoveer watertoerisme

Het is altijd zaak te blijven vernieuwen. Tijd dus voor het Friese Witte Botenplan (inderdaad, met sympathie voor de Amsterdamse bedenkers gejat). Dit is ook een plan dat veel verder gaat dan z’n fietsen-oorsprong. Met overheden, onderwijs en ondernemers is het Friese Witte Botenplan te verheffen naar een inclusief en duurzaam plan om een vloot innovatieve, duurzame, recreatieve huursloepen en -jachten te bouwen, te onderhouden en te verhuren op allerlei locaties in Friesland met een netwerk van halers en brengers om de Witte Boot overal in Friesland te kunnen benutten en dus niet alleen op louter commercieel interessante plekken, zoals nu het geval is. Met de netwerken van fiets- en wandelpaden in de provincie, kunnen we direct mooie koppelingen maken, het organisatorische deel er van is verankerd bij het Recreatieschap Marrekrite. We hebben het allemaal: laten we het versterken.

We hebben de waterrijke infrastructuur, de kennis, het vakmanschap, de productielocaties; we hebben mensen genoeg en zien onszelf graag als innovatief, duurzaam en eigenzinnig. Water zit net als transport in de genen, we hebben naast klassieke vereisten als ontwerpkennis, constructie, botenbouw, logistiek en planning ook slimme technologen, een fijnmazig waterrijk en cultuurhistorisch boeiend netwerk van vaarwegen, waterwerken, buurtschappen, dorpen en steden om van volop te genieten; alle voorwaarden zijn er, dus we kunnen aan de slag. Friesland dat het verhaal en de betekenis van het water vertelt en openbaart, iedere dag, ieder moment van het jaar. Een heerlijke historie met een grote culturele diversiteit.

Huidige verhuur vloot ’n beetje treurig

Nee, niet piepen dat iets niet kan of mag, nee, gewoon over je eigen bestaande muurtje stappen om samen iets unieks en groots te doen dat volledig ten goede komt aan onszelf in alle uithoeken van deze machtig mooie provincie. Bijkomend voordeel is dat huurvloot anders bekeken en gewaardeerd gaat worden en er meer vernieuwd kan worden, want in vorm, uitvoering en duurzaamheid bezien is het voor het overgrote deel treurig gesteld met de huurjachten op het Friese water.

Het idee is iets te bieden dat er nog niet is en waarmee we meer mensen op een moderne manier in Friesland kunnen laten vertoeven. Een manier om niet alleen “toeristen” iets unieks te bieden dat er nog niet is: wie nu een boot huurt moet altijd vanuit een handige locatie een rondje bedenken om weer op de huurplek uit te komen. Maar behalve “toeristen” kunnen we juist ook meer Friezen kennis te laten maken met alles dat aan ons water gelegen is. Ja, het is ook een kans om mensen die nooit op vakantie kunnen gaan, iets te bieden uit een gemeenschappelijke pot naar rato van inkomen. Ik weet uit jaren zeilschool-ervaring waarbij wij de kans hadden via een aanpalende stichting mensen financieel bij te staan en vakantie voor kinderen mogelijk te maken, hoe ongelooflijk veel zoiets in een mensenleven kan betekenen. Vakantie doet iedereen goed, maar doe het dan vooral lekker in je eigen omgeving.

Draag bij aan het eigen fundament

We leggen met het Friese Witte Botenplan onszelf de eis op dat we alles van het hele plan zelf doen en het onszelf en onze omgeving gunnen. Versteviging van het Friese fundament begint bij onszelf en geld lokaal en regionaal uitgeven. Vraag je niet af wat het plan kan tegenhouden, maar bedenk hoe je deze heerlijke Friese droom omzet in realisatie.

In het licht van deze tijd: u mag met het plan aan de slag. Doe het en doe het goed: van en voor Friesland. Wij & het water.

 

Bestuurlijk lef @provfryslan gevraagd

Gistermiddag besloot Gedeputeerde Staten @provfryslan zoals verwacht dat Reduzum definitief geen nieuwe windmolen mag bouwen. Angst voor precedentwerking? De mienskip van ‘t dorp en het succes van kleinschaligheid lijken ter ziele.  

Reduzum wil de twintig jaar oude windmolen vervangen door een nieuwe. Logisch verhaal om rendement te behouden voor alle inwoners, verenigingen, het dorp en de directe omgeving. Nee, mag niet, zegt GS wederom, het zou een precedent scheppen. Draagvlak? Niets mee te maken. Dorp dat zichzelf bedruipt? Jammer, u accepteert het maar. Ook de gemeente #Leeuwarden steunt Reduzum, maar ook dat mag niet baten. Snapt u het?

Maximaal draagvlak in het dorp dat middels een stichting eigenaar is van de molen en goed z’n huishoudboekje verzorgt; gezamenlijkheid en financiële zelfstandigheid ten top. Niets mee te maken. Wij, wijze mannen en vrouwen van Gedeputeerde Staten, wij weten wat goed is voor u, inwoners van Reduzum en alle andere dorpen, wijken en steden van Friesland: en dat zijn grootschalige parken in het IJsselmeer, aan de kust van waterrecreatieprovincie Fryslân, geëxploiteerd in een commerciële onderneming waar wij als overheid mede in investeren en – als het goed is- rendement uit halen. Dus mag u niet voort gaan op de meest logische kleinschalige weg die past bij uw dorp.

Beste bestuurders, voor u is mega machtig, voor veel mensen biedt juist kleinschaligheid comfort in hun leefomgeving. Is er iemand die begrijpt waarom Reduzum z’n nieuwe molen niet mag bouwen?

Samen zijn we Friesland

Angst voor precedentwerking is begrijpelijk en vraagt vooral om bestuurlijk lef en inzicht. Een instelling van ‘ik weet nog niet hoe we er samen uit kunnen komen, maar ik wil met u zoeken naar een oplossing’.  Bestuurders kunnen ook kijken of dit nu juist niet het ideale moment is om een doorbraak te forceren, door te kijken naar nieuwe ontwikkelingen in de windmolenindustrie die beter inpasbaar zijn in dorp en stad en tegemoet komen aan de plaatselijke behoefte. Geen deuren dichtslaan om draagvlak te vermorzelen, maar juist de tijdsgeest begrijpen en meebewegen. Niet een incidentele ontheffing verzinnen, maar een duurzame oplossing bereiken: er zijn meer ‘Reduzums’.

Als ergens energietransitie twintig jaar geleden al is ingezet, dan is het in dorpen als Dearsum en Reduzum. Doorzetten dus! Het is van de zotte dat een paar mensen star blijven volhouden in het nemen van besluiten die zo tegen de geest van deze tijd in gaan. Steun Reduzum en ieder ander dorp dat vecht voor z’n mensen, z’n voortbestaan en zelfstandigheid. Het gaat niet om Reduzum, het gaat om ons. Samen zijn we Friesland.

Investeer in ‘t hart van Cambuur (deel 3)

@RaadLeeuwarden #Leeuwarden Leisure Boulevard Fryslân of maatschappelijk verantwoord ondernemen in Cambuur? Powerplay aan het einde van het jaar: het is tijd voor bezinning en een goed gesprek.

Blijven of gaan?

Niet iedereen bij Cambuur is blij met het verhuizen van Cambuur naar ’t WTC- gebied, zo lezen we op supporterssite Cambuur Culture, die de club met gepaste trots een volksclub noemt. Na gesprekken intern leggen ze zich neer bij de ‘noodzakelijk’ genoemde verhuizing; tja, je kunt een supporter z’n geliefde plek ontnemen, het is clubliefde die overwint.

Dat beeld komt ook naar voren in een scriptie van Rijksuniversiteit Groningen- student Jelle, die voor z’n bachelor in 2014 veldonderzoek deed en in gesprek ging met supporters over de mogelijke verhuizing en het thuisgevoel van de club, de hechting en charme van de plek en het belang en identiteit van deze bijzondere volksclub.

In z’n conclusie schrijft hij onder meer: “(..)Voor ‘ouderwetse’ stadions gelegen in woonwijken geldt dan dat de historische binding met de wijk verloren gaat, en daarmee de sfeer, voetbalbeleving en symbolische waarde aangetast wordt. Tevens worden herinneringen niet meer opgeroepen door elementen uit de fysieke omgeving. Het horrorscenario voor supporters is een afgelegen stadion op een industrieterrein dat qua uiterlijk een “dertien in een dozijn” modern stadion is. Ondanks het uitblijven of een verminderd thuisgevoel zullen de supporters hun club in een nieuw stadion bezoeken, behalve wanneer de club zo wordt aangetast dat ze zich niet meer in hun club herkennen (…).”

BVO of MVO?

Om anders tegen dossier Cambuur aan te kijken, is het inspirerend om het drieluik “BVO of MVO, hoe hoog moet de lat liggen?” te lezen op de site SportknowhowXL (zie deel 1, deel 2 en deel 3). Een aanrader omdat het een (bijvoorbeeld) beroepsvoetbalorganisatie als Cambuur afzet tegen een modern maatschappelijk MVO- perspectief.

Stel voor dat je Cambuur laat spelen waar ze al decennia speelt, in het hart van Cambuursterhoek en dan uiteraard in een duurzaam gerenoveerde jas die onderdeel is van een grotere ontwikkeling, waarmee “we” positief investeren in een wijk die dat goed kan gebruiken. Laten we de lat eens lekker hoog leggen.

Een mooi uitgangspunt om samen met bewoners en supporters het hart van de wijk te vernieuwen. Hoe en wat? Ik zou het vooral vragen aan die bewoners, aan de supporters en aan bewoners van andere delen van Leeuwarden. Hoe zien de bewoners hun wijk, wat willen ze als Cambuur blijft (of niet) en hoe zien de supporters hun club in die wijk? Betrek de belanghebbenden, de maatschappelijke ‘stakeholders’ bij ieder plan voor dit gebied.

Of de megadeal naar ‘t WTC gaat door of Cambuur renoveert het huidige stadion: maak van het hart van Cambuursterhoek een duurzaam hart met perspectief voor de omgeving en de mensen die er wonen, werken en leven. Waarom een stad en wijk iets zo wezenlijks en bijzonders ontnemen als dat niet noodzakelijk is? Het is een ander plaatje, maar kan iemand mij vertellen waarom we er niet over zouden nadenken? Sterker: is dat niet wat we vooral in een wijk moeten doen, uitgaan van de mens in z’n omgeving, zijn belang voorop stellen en dat bezien in wat nu en vooral de komende decennia maatschappelijk relevant is?

Buitenspel of belevingsboulevard?

Staat ‘t WTC- gebied dan buitenspel? Niet in het minst. Ik hoop dat het voortschrijdend inzicht van ‘Leeuwarden’ zo groot is dat we een tweede megabioscoop in Leeuwarden afwijzen. Dan resteert een invulling met het grote overdekte leisure- boulevardconcept zoals Wyckerveste het realiseerde in Kerkrade (minus de bioscopen) in combinatie met ‘n Bauhaus en Lidl en gekoppeld aan de bestaande WTC- functie voor evenementen, beurzen, casino en horeca. Een boulevard (met bomen?) vol beleving, lekker binnen spelen, beleven en genieten. Een uitstekende aanvulling op het bestaande zonder al te heftige botsingen met de binnenstad. Nou ja….die moet er rekening mee houden dat er een stevige punt horeca bij het boulevard- menu geserveerd wordt, want Wyckerveste- leisure zonder eet & drinkbeleving is ondenkbaar.

Powerplay of overpeinzing

Cambuur dringt ondertussen bij de gemeente ernstig aan om te beslissen, omdat “investeerders zouden afhaken” en de gemeente wijst op onderhandelingen die afgerond moeten met betrekking tot het afstaan van een deel van de WTC- Expohallen door “de overnemende partij” en de bereidheid van B&W de gemeentelijke claim op WTC te laten vallen. Powerplay omdat voor het einde van het jaar 2016 alles op tafel zou liggen en Cambuur had bedacht tijdens Cultureel Hoofdstad- jaar 2018 in het nieuwe stadion te kunnen voetballen. Het is bijna kerstreces, tijd voor overpeinzing.

De gemeenteraad is aan zet als de plannen eindelijk eens concreet op tafel liggen en de stad is groter dan het belang van investeerders, ontwikkelaars en bouwers. Maatschappelijk verantwoord ondernemen en waardecreatie in de wijk mag concreter op de gemeentelijke agenda.

Publicitaire schwalbe

Nog één ding: ik hoor en lees dat je in een nieuw stadion beter gaat voetballen: een opportunistische publicitaire schwalbe die we daarom vanaf nu verbannen naar de kleedkamer.

Het wordt tijd voor bezinning en een goed gesprek. Het grote sociaal- maatschappelijke belang dat we aan Cambuur zeggen te hechten, moeten we nu eens concreet inhoud geven en zichtbaar maken in uitgangspunten, open overleg, transparante verdienmodellen, inhoudelijke discussie, maatschappelijke relevantie en gedegen besluitvorming.

Wat vooraf ging: Investeer in ’t hart van Cambuur, deel 1 en deel 2.

 

@fryslan: Nu nog boren naar gas?

@lc_nl schrijft dat het Canadese Vermillion onderzoek gaat doen naar de aanwezigheid van gas in de Friese grond. Nu nog steeds en weer: hoeveel mogelijke aardbevingen moet ons land nog teisteren voor we iets leren? Ik zeg: eerst duidelijkheid over de betekenis van boren, boormethodes en gevolgen gaswinning, dan verder kijken. Waarom denkt u dat er een alternatief winningsplan voor Groningen bij de Raad van State ligt? Zeggen dat “we” het niet geweten hebben, is ondenkbaar.

Tussen Lemmer, Sneek, Akkrum en Drachten mag Vermillion gaan trillen en gebruik maken van explosies om te zoeken in onze bodem tot 4 kilometer diep. Daarvoor hebben ze een opsporingsvergunning die omgezet kan worden in een gaswinningsvergunning als ze winbaar gas schuin onder Leeuwarden vinden.

Ik vind dat we meer moeten weten van de consequenties van gaswinning en de gehanteerde klassieke methoden zoals ook de NAM gebruikt, voor we weer iets vergunnen. Voorbereidingen op gaswinning zoals deze tril & explosiemethode, moeten we ook niet willen; het suggereert dat we bereid zijn tot de volgende stap.

Vermillion wil ook weer de gasproductie op De Stevenshoek in Drachten opstarten. Het ministerie van EZ garandeert dat het allemaal geen negatieve gevolgen heeft voor ‘t milieu…Waar hebben we die tekst toch eerder gehoord?

Begin november is beroep aangetekend (inclusief een alternatief winningsplan) bij de Raad van State tegen het Instemmingsbesluit van minister Kamp op het NAM- winningsplan voor Groningen voor de komende vijf jaar. Het is ingediend omdat het anders kan en vele malen beter moet. In mijn gesprekken met de indieners verwonder ik me telkens over het levensgrote gebrek aan kennis en kunde van al decennia gehanteerde methoden, van de afzonderlijke putten en de aardbevingsrisico’s voor onze bodem en onszelf. Het gaswinningsdossier lijkt het meest pijnlijke dossier van Nederland te worden; wanneer verkiezen we veiligheid boven economie? Lees het hele verhaal op noordblog! Het is aan het hoogste rechtscollege van ons land daar een uitspraak over te doen.

Laten we wachten met iedere vervolgstap naar ‘n een nieuwe gaswinning tot we meer kennis hebben. Het kan toch niet zo zijn dat ook in Fryslân het NAM-credo geldt dat we maar moeten leren leven met het aardbevingsrisico? Het is ons leven en onze bodem!